Het ontstaan
Alles was stilte
alles was beweegloosheid
naamloze dagen dwaalden verbonden
in een tijdloos bestaan
zon en aarde verenigd als broer en zus
er kwam beweging
lucht steeg naar de ruimte
zocht naar leven
als een laaiend vuur steeds hoger
klommen zon
maan en sterren
drassig moeras scheidde zich
langzaam van de zeeën
verhard onder invloed
van brandende zonnestralen
werd modder aarde
gistte hoge temperaturen op
waaruit bellen de ontsnapping vonden
in zich droegen zij zaad van leven
baarden plant en dier
vogels gedragen door de warmtekracht
vlogen hoog naar het blauw
zwaartekracht en kilte
toverden reptielen uit het niets
water werd leven voor vissen
er was een nieuw tijdperk ontstaan
grassen en planten waren manna
alles nog ontembaar
verwekte moeilijkheden tot leven
grotten als veiligheid
tegen dreigend gevaar
warmte en wind verharde de aardkorst
vechtend om zijn bestaan
werd de Homo Sapiens
met ruwe tijden bedacht
vond voedsel in de smaak van bessen
groeperen was zich veilig stellen
geen stem bij hen
tekens werden taal
regen vruchtbaarheid
de oerknal uit de eerste tijd
werd het rijk van al wat leeft.
Edith Oeyen